Het Europese Digital Euro-project heeft de laatste tijd opnieuw belangrijke vooruitgang geboekt. De Commissie Economische en Monetaire Zaken van het Europees Parlement heeft het relevante standpunt goedgekeurd, wat betekent dat dit al lang bestaande digitale valutaplan van de centrale bank een stap dichter bij de officiële implementatie ervan is. Een van de kerndoelen van dit voorstel is het verminderen van de afhankelijkheid van Europa van het door de VS gedomineerde betalingssysteem voor dagelijkse retailbetalingen, met name van multinationale kaartorganisaties zoals Visa en Mastercard.

Afgaande op het wetgevingsproces is dit niet de eerste keer dat de digitale euro de drempel overschrijdt. De EU-lidstaten hadden al in december 2025 een gemeenschappelijk standpunt over het project gevormd, en het Europees Parlement steunde vervolgens in februari 2026 het ontwerp van een digitale euro met dubbele online en offline modi, waarmee het eerdere voorstel om alleen de offline versie te behouden, werd vernietigd. Dit betekent dat Europa feitelijk de institutionele richting van de digitale euro heeft verenigd en niet langer geobsedeerd is door ‘of het moet doen’, maar door ‘hoe het moet doen’.
De Europese Centrale Bank hoopt dat de digitale euro zowel online als offline functies zal hebben, zodat deze zich kan aanpassen aan moderne betalingsscenario’s en tegelijkertijd de contant-achtige ervaring behoudt. Piero Cipollone, lid van de directie van de Europese Centrale Bank, heeft ook benadrukt dat dit dual-mode ontwerp digitale valuta dichter bij contant geld kan brengen en de Europese monetaire soevereiniteit kan vergroten. Het project heeft echter nog veel technische en juridische details die moeten worden opgelost, zoals de bewaarlimiet van elke gebruiker, privacybescherming, dataregels en de taakverdeling met commerciële banken en betalingsdienstaanbieders.
De reden waarom dit plan veel aandacht heeft gekregen, houdt verband met de Europese zorgen over de onafhankelijkheid van de betalingsinfrastructuur van de afgelopen jaren. Vanuit Europees perspectief: als de infrastructuur voor retailbetalingen lange tijd in handen blijft van Amerikaanse bedrijven, zal de financiële autonomie van Europa worden aangetast zodra grensoverschrijdende schikkingen, sanctiebeleid of bedrijfsregels veranderen. Daarom is de digitale euro niet alleen een technisch project, maar wordt hij ook beschouwd als een belangrijk instrument voor Europa om de monetaire soevereiniteit te behouden en de externe afhankelijkheid te verminderen.
Volgens het huidige tijdschema zal het Europees Parlement naar verwachting het standpunt van de Commissie begin juli formeel bevestigen tijdens een plenaire zitting, voordat de 27 lidstaten van de EU een formele onderhandelingsfase ingaan. Wetgevers hopen vóór het einde van dit jaar een definitief akkoord te bereiken, en de eerder door de Europese Centrale Bank verstrekte routekaart laat zien dat als de wetgeving vlot verloopt, de digitale euro in 2027 met proefprojecten kan beginnen en rond 2029 officieel zal worden uitgegeven. Dit betekent dat de digitale euro vanaf de beleidsconceptie geleidelijk de te verwachten implementatiefase is ingegaan.